Als iemand zich uitschrijft op een adres maar er toch blijft wonen, spreken we van schijnverlating. Een onderzoek naar dit signaal vergt creativiteit en doorzettingsvermogen, zeggen Sylvia Wam van gemeente Den Haag en Tycho Krom van gemeente Zaanstad. Hoe pakken zij dit signaal succesvol op?

Sylvia Wam
Tycho Krom

Juist toen gemeente Zaanstad in 2020 meer werk wilde maken van schijnverlating, gooide corona roet in het eten. ‘We wilden dit signaal een boost geven. Maar toen konden we ineens maandenlang niet op huisbezoek’, zegt Tycho Krom. ‘Sinds drie weken gaan we weer sporadisch. Tot de voordeur, en alleen als we zeker weten dat er genoeg informatie te halen valt. We doen gedegen vooronderzoek en soms krijgen we de zaak dan rond. En krijgen we geen duidelijkheid, dan werkt zo’n bezoekje toch vaak als pressiemiddel. Van instanties horen we dat sommige mensen later toch gegevens aanpassen.’

Waterverbruik checken

Geen intensieve huisbezoeken dus, maar Zaanstad steekt wél steeds meer tijd in vooronderzoek.

‘We hebben een convenant afgesloten met de woningbouwverenigingen. We wisselen gegevens uit en krijgen informatie, bijvoorbeeld van gebouwbeheerders. Als zij opletten, zijn dat toch weer een extra paar ogen.

’ Ook kan de gemeente gegevens opvragen van het drinkwaterbedrijf. Want aan wat een woning verbruikt aan water, lees je af hoeveel mensen er wonen.

Tycho: ‘Intern werken we ook steeds beter samen. Bijvoorbeeld met parkeervergunningen, om te checken hoeveel vergunningen er op een adres staan.’

Ga naar binnen en vraag door.

Achter voordeur

In Den Haag neemt de Haagse Pandbrigade het signaal mee in haar controles. Zij gaan wél bij mensen naar binnen. Sylvia Wam: ‘We gaan met onderzoekgegevens op pad en kijken achter de voordeur wat er aan de hand is: van overbewoning tot illegale bouw en van hennepteelt tot schijnverlating.’ Haar allerbelangrijkste advies aan andere gemeenten is dan ook: ga naar binnen en vraag door. ‘Helemaal als je een mannenstem door de intercom hoort terwijl er geen man staat ingeschreven. Waar staat zijn bed? En als hij beweert dat hij op de grond slaapt, waar is dan het beddengoed?’

Twijfel na bezoek

Tycho: ‘Soms blijf je na een bezoek met twijfels zitten. In een recent geval hadden we spullen gevonden van de man op het achterblijversadres. Maar hij bleef maar herhalen dat hij er niet woonde. Iedereen in het gezin praatte met hem mee. Maar op het andere adres vonden we óok spullen van hem. Zo kun je schijnverlating dus niet hard maken.’ Tycho en zijn team houden deze zaak in de gaten. ‘Maar we gaan niet zomaar weer langs. We wachten op een ander signaal op dit adres, zodat we kunnen aansluiten. We willen de burger niet voortdurend lastigvallen op basis van dezelfde al onderzochte gegevens.’

Weggeslopen

In Den Haag is schijnverlating een hardnekkig probleem. Sylvia: ‘Op het nieuwe adres van een schijnverlater stonden vijf mannen ingeschreven. Maar er bleken twee Griekse vrouwen te wonen. Je gaat dus met de informatie van vijf ingeschreven mannen op pad, en uiteindelijk tref je twee vrouwen die niet staan ingeschreven.

Sylvia maakte al van alles mee. ‘We belden eens op een adres aan en een man deed open. Een seconde later was hij weg. Zijn vrouw ontkende dat ze met een man woonde. Toen we later weer in de auto zaten, zagen we de man onder een auto vandaan naar huis sluipen.’

Talloze adressen

‘Bijt je vast in een zaak’, geeft Sylvia mee. ‘Laatst waren we bij een vrouw die op het punt van bevallen stond. Ze zei dat dit kind van een nieuwe vriend was, niet van de schijnverlater. Toen ik later in de BRP keek, bleek de schijnverlater wél de vader van het kind. We hebben hem op talloze adressen achtervolgd. Op den duur drijf je iemand in het nauw. Je kunt trouwens gemakkelijker aantonen of iemand ergens níet woont dan wel. Daarom focussen wij ons op het nieuwe adres van de verlater. Uiteindelijk schreef de man zich weer in bij de achterblijver. Helaas is hij opnieuw vertrokken. Nu staat hij ingeschreven als ‘vertrokken onbekend waarheen’, hij is administratief spoorloos, al is de kans groot dat hij gewoon bij zijn vrouw woont.’

Sociale problematiek

‘Je moet er van het begin af aan bovenop zitten, want als de schijnverlater zich voor een tweede of derde keer uitschrijft, ben je eigenlijk al te laat, zegt Sylvia. ‘Je kunt nu eenmaal niet om de haverklap aanbellen om te kijken of iemand er nog woont of niet.’ Daar is Tycho het mee eens. ‘Ik zou andere gemeenten willen meegeven op te trekken met sociale partners. Want soms gaat er veel sociale problematiek schuil achter schijnverlating. Mensen weten niet hoe ze hulp kunnen vinden. Wij verwijzen daarom altijd naar het sociaal wijkteam.’

Open blik

En wat moet je vooral níet doen in je onderzoek naar schijnverlating? Tycho: ‘Ik zou zeggen: vooringenomen zijn. We zijn vaak geneigd om van het negatieve uit te gaan. Dan willen we bewijzen dat iets niet klopt. Probeer toch een open blik te houden.’ Sylvia staat daar iets anders in. ‘Ik zeg juist: je moet iemand niet zomaar op z’n blauwe ogen geloven. In bepaalde wijken zien we het aantal schijnverlatingen alleen maar toenemen. Soms begin ik met één adres en stuit ik op meerdere adressen waarbij de inschrijvingen niet kloppen en waar ook sprake is van fraude met uitkeringen of toeslagen. Het gaat wel om gemeenschapsgeld dat onterecht wordt uitgekeerd.’

Leg alles vast, want een tweede kans om binnen te komen krijg je meestal niet.

Alles vastleggen

Sylvia drukt gemeenten op het hart alles vast te leggen: van aankomst tot vertrek. ‘Geeft iemand je toestemming om binnen te komen? Hoe doet hij dat, uitnodigend of niet? Wat is het allereerste antwoord op jouw vraag hoeveel mensen er wonen? Vaak is dat antwoord de waarheid. Later komen er smoesjes bij. Wij maken ook tekeningen en plattegronden van het huis. Een keer had een man zich op het balkon verstopt achter de vuilnisbak, in zijn boxershort. Zulke zaken beschrijven we tot in detail. Ook maken we foto’s van spullen, zoals fitnessmateriaal. Leg alles vast, want een tweede kans om binnen te komen krijg je meestal niet.’