Tekst Leestijd: ca. 5 minuten

"Deelnemers aan OSA vragen: houd de schwung van de afgelopen jaren vast."

Het nieuwe Overheidsbreed Samenwerkingsverband Adreskwaliteit (OSA) is een periodiek overleg, dat is ontstaan uit LAA. Het OSA wil zijn tanden zetten in kwetsbaarheden in het sociale systeem die verband houden met de BRP. Een voorbeeld is de aanpak van woonfraude. "In OSA kijken we: hoe zou je dit oplossen als we samen één overheid waren?"

Als project houdt LAA in 2019 op te bestaan. Het thema adreskwaliteit gaat dit jaar over naar de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG). Matthijs Brüll, coördinerend specialistisch adviseur LAA bij RvIG, vindt dat mooi en spannend tegelijk. "De afgelopen jaren heb je bij LAA gezien wat er gebeurt als je gezamenlijk iets bereikt. Het gonst. Mensen zoeken LAA op, willen er graag aan deelnemen. Bij RvIG willen we LAA doorontwikkelen. De deelnemers aan OSA vragen ons dat ook: houd de schwung van de afgelopen jaren vast."

Marc Noordhoek, opdrachtgever voor LAA bij het ministerie van BZK, kijkt er net zo tegenaan. "LAA heeft laten zien dat je als overheid door middel van samenwerking veel meer kunt bereiken en veel effectiever je werk kunt doen dan ieder voor zich. Om het sociaal vangnet te laten werken moet er maatschappelijk draagvlak zijn. Als er mensen zijn die misbruik maken van het systeem en die komen ermee weg, brokkelt het draagvlak af. Dat voelen alle mensen binnen LAA, en dat gedeelde belang is tegelijk hun persoonlijke drive. Op die manier kun je met elkaar de bureaupolitiek overstijgen."

Systeemproblemen aanpakken

Met de overgang van LAA naar de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) verdwijnen de ambities dus niet, integendeel. Brüll en Noordhoek zien het nieuwe overheidsbrede OSA-overleg als een plek waar deelnemers aan LAA de tanden kunnen zetten in hardnekkige systeemproblemen die te maken hebben met de kwaliteit van de BRP. 

Het OSA is de opvolger van de vroegere Gouwzeegroep die een belangrijke functie vervulde voor LAA. "LAA heeft inmiddels een eigen bestaansrecht", zegt Noordhoek. "Maar het is buitengewoon handig om de energie van deze groep mensen in te zetten voor vraagstukken die breder zijn dan LAA. Kwetsbaarheden in het sociale stelsel die raken aan de BRP kunnen we in het OSA bekijken met onze gebundelde kennis. Daar kan van alles uitkomen: aanbevelingen om werkprocessen aan te passen of barrières op te werpen, adviezen om wetgeving aan te passen of via LAA een signaal uitzetten naar gemeenten om op pad te gaan."

portret Marc Noordhoek
Marc Noordhoek: "Het gedeelde belang van mensen binnen LAA is tegelijk hun persoonlijke drive."

"In OSA kijken we: hoe zou je dit oplossen als we samen één overheid waren?"

Voorbeeld: woonfraude

Aan mogelijke onderwerpen voor het OSA geen gebrek. "We hebben al een hele werkvoorraad", zegt Brüll. "Neem woonfraude. Dat is vooral een probleem in grote steden. Mensen met een sociale huurwoning verhuren die illegaal aan een ander terwijl ze zelf allang ergens anders wonen. Met als gevolg dat mensen die al ettelijke jaren op een wachtlijst staan niet in aanmerking komen voor de woning waar ze recht op hebben. Binnen OSA kun je bekijken hoe je dit slim aanpakt. Kun je daar LAA voor gebruiken? Zou je informatie van woningbouwvereniging en gemeenten bijvoorbeeld kunnen koppelen aan informatie van de SVB om er zicht op te krijgen of sprake kan zijn van illegale onderverhuur? Dat zie je niet in de BRP en ook niet bij de corporatie, dus je zult informatie moeten combineren om daar grip op te krijgen."

Een ander probleem op het bordje van OSA is dat van mensen die zijn veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf en onvindbaar zijn in de basisregistratie, zodat ze hun straf niet uitzitten. Noordhoek: "Zulke mensen kun je een vow-status geven: vertrokken onbekend waarheen. We kunnen daaraan verbinden dat er een alarmbel afgaat wanneer zo iemand zijn rijbewijs komt vernieuwen, een vergunning aanvraagt of andere dienstverlening van de overheid wil. In Amsterdam loopt daarmee nu een pilot. Komt zo iemand aan de balie, dan belt de gemeente meteen de politie: we hebben iemand die jullie kwijt waren."

portret Matthijs Brüll
Matthijs Brüll: "Elk 'dat kan niet waar zijn'-verhaal kan voor OSA een thema zijn."

Geen besloten club

Het OSA is een informeel overleg dat adviseert over beleid en kwetsbaarheden in het systeem. De gebundelde kennis van de deelnemers - om te beginnen de leden van de oude Gouwzeegroep - is volgens Noordhoek de grote kracht van het nieuwe overleg. "OSA moet het hebben van inhoudelijke gedrevenheid en maatschappelijke betrokkenheid. Er zitten mensen met complementaire expertise die binding met elkaar hebben. Die verzamelde expertise geeft ons ook autoriteit."

Het OSA moet geen besloten, maar juist een open club zijn, zegt Brüll. "Elke partij voor wie een bepaald thema relevant is, moet kunnen aansluiten. Alle 'dat kan niet waar zijn'-verhalen in de publieke dienstverlening kunnen voor OSA een thema zijn."

"LAA komt waar het hoort"

Noordhoek is trots dat LAA nu structureel een plek krijgt binnen de administratie van het Rijk. "Het belang van die BRP voor het functioneren van de overheid als geheel neemt steeds meer toe", zegt hij, "ook al omdat we steeds meer werken volgens het idee dat mensen eenmaal hun gegevens verstrekken en dat we die gegevens meermalen gebruiken. Dan moet je BRP dus wel kloppen. Door LAA bij RVIG te beleggen als onderdeel van hun taak, maak je het integraal onderdeel van je overheidsadministratie. LAA komt nu terecht waar het hoort en dat geeft meer gewicht. Ik ben daar trots op. Als een project zoveel oplevert dat je het structureel borgt, is dat het grootste compliment dat je krijgen kunt."

Ook voor RvIG betekent de komst van LAA een boost, schetst Brüll. "Nu worden we vooral gezien als beheerder van de BRP, maar je wilt het niet alleen hebben over techniek, je wilt met de BRP iets anders mogelijk maken. LAA is niet iets dat je beheert, LAA moet je dóen!"

Aan de slag met adresfenomenen

Onder de vleugels van het OSA zullen werkgroepen met inhoudelijk specialisten specifieke fenomenen en problemen rond de BRP onder de loep nemen en daarover rapporteren. Dat gebeurt onder de noemer Brede Aanpak Adresfenomenen, kortweg BAF. Voorheen was de Belastingdienst trekker van het BAF, maar ook die rol gaat over naar RvIG.

Binnen het BAF zullen specialisten met veel kennis uit de uitvoeringspraktijk zich verdiepen in de haarvaten van systemen en werkprocessen, om zo te achterhalen waar problemen en barrières in de publieke dienstverlening zitten. Dat levert weer belangrijke informatie op voor LAA.